Advies COVID-19-vaccinatie voor mensen met een auto-immuun blaarziekte (AIBD)

Voor auto-immuunziekten zoals pemphigus en pemfigoïd worden vaak afweeronderdrukkende medicijnen gebruik. Door afweeronderdrukkende medicijnen kan een infectieziekte ernstiger verlopen, echter is dit voor COVID-19 niet exact bekend. Voor sommige infecties kan men zich beschermen door het nemen van hygiënische maatregelen of vaccinaties, zoals de griepprik of de COVID-19-vaccinatie. Er zijn nog weinig gegevens bekend over patiënten met afweeronderdrukkende medicijnen in trials met COVID-19-vaccins, mogelijk is de respons lager. 

Het algemene advies is dat de huidige COVID-19 vaccins veilig kunnen worden gegeven aan patiënten die afweeronderdrukkende medicijnen gebruiken.

Mensen die allergisch zijn voor componenten van het vaccin (bijv. polyethyleen glycol) moeten het vaccin niet toegediend krijgen. Er is onvoldoende informatie beschikbaar over hoelang iemand beschermd is tegen COVID-19 infectie na een doorgemaakte COVID-19 infectie en of vaccinatie dan zinvol is.

Mensen met AIBD die GEEN afweerdonderdrukkende medicatie gebruiken 

Advies om te laten vaccineren 

Mensen met AIBD die de volgende afweeronderdrukkende medicijnen gebruiken 

  •  Prednison of prednisolon 
  • Klasse 4 corticosteroïden in zalven of crèmes (clobetasol) 
  • Azathioprine (imuran) / mycophenolate mofetil (cellcept/myfortic) 
  • Ciclosporine (neoral)
  • Methotrexaat 
  • Dapson, hydroxychloroquine (plaquenil),
  • Cyclofosfamide (endoxan)
  • HIVIG 

Advies om te laten vaccineren 

Algemeen advies om afweeronderdrukkende medicijnen op de laagst effectieve dosis te blijven gebruiken om opvlamming van de ziekte te voorkomen. Eventuele start van afweeronderdrukkende medicijnen in overleg met arts uit te stellen tot 4 weken na vaccinatie. 

Mensen met AIBD die worden (of zullen worden) behandeld met Rituximab 

Advies om te laten vaccineren: in overleg met behandelend arts bij voorkeur 4 weken voor eerste gift Rituximab of 6-12 maanden na laatste gift Rituximab

  • Planning van vaccinatie (door huisarts) bij Rituximab belangrijk vanwege effect op B-cellen en mogelijk lagere vaccinatierespons. 
  • Indien de ziekte compleet rustig is, dan kan in overleg met de arts de 4e infuusbehandeling (na 1 jaar) mogelijk worden uitgesteld tot na vaccinatie. 
  • Voor zover bekend lijkt Rituximab geen verhoogde kans te geven op een ernstiger beloop bij COVID-19 infectie.